Posts tonen met het label Tutorial. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tutorial. Alle posts tonen

zaterdag 24 juni 2017

12 lagen spijkerstof naaien. Met een kleine Singer Featherweight.















Hoe stik je door een naad van 12 lagen spijkerstof met een Singer 221 Centennial uit 1951? 

(Ik ben aan het recyclen. Van een oud rokje dat ik nu te kort vind (en ja, ook veel te smal ;)   ) maak ik een tas met lange hengsels en korte hengsels. De korte zijn om de tas even aan de kapstok of het sleutelrekje te kunnen hangen, de lange om als schoudertas dienst te doen. 
De hengsels heb ik uit een oude spijkerbroek met ongeveer dezelfde kleur als de rok geknipt. Dat betekent dat er zakken en naden inzitten, dus de stof is daar extra dik.)









































Gebruik een opvouwbaar stukje plastic of kartonnetje. 










































Naai tot de hobbel. 
Stop met de naald in de stof. 
Doe de voet met de hendel omhoog en plaats het dikke plastic achter de naald onder de voet. Zo lift je de achterkant van de voet op en komt het op dezelfde hoogte als de dikke naad. 






Laat de voet met de hendel zakken en naai steekje voor steekje verder, tot de hindernis genomen is. 


En zie: mooie gelijkmatige steken en geen problemen.

vrijdag 19 mei 2017

De bedrading van het voetpedaal.

Het is weer examentijd! De havo-leerlingen hebben maandag hun examen biologie gedaan, de vwo-leerlingen zijn komende maandag aan de beurt.

Voor docenten betekent dat veel werk. Eerst kijk ik het examen door en probeer ik in te schatten hoe moeilijk het is. Dat doe ik al in de examenzaal, terwijl de leerlingen aan het zwoegen zijn! Pas na het examen komen de antwoorden op internet, dus die print ik dan en vergelijk die antwoorden met wat ik bedacht had. Soms wordt een antwoord zo neergezet dat het of goed of fout is. Maar vaak staat in het antwoordmodel: voorbeeld van een goed antwoord is:...  Dan mag er dus meer goed gerekend worden, als het maar biologisch juist is.
Daar kan natuurlijk per docent een interpretatieverschil in zitten. De één is wat soepeler dan de ander. En dat mag absoluut niet! Dus kwamen gisteravond de docenten uit deze regio bij elkaar om het hele examen door te spreken en te bepalen wat goed is en wat fout. Dat geeft veel steun bij het nakijken, want een puntje meer of minder kan voor een leerling in het ergste geval betekenen dat hij/zij zakt en een heel jaar over moet doen. Het is dus belangrijk dat iedere leerling krijgt wat ie verdient, niet meer en niet minder.


Om te voorkomen dat de eigen docent te soepel nakijkt of juist te streng of fouten maakt, wordt het examenwerk ook nog door een docent elders in het land nagekeken. Dus de examens van mijn klassen wordt naar iemand in het oosten van het land gestuurd en ik krijg weer examenwerk van weer iemand anders, misschien wel uit het zuiden van Nederland. De post heeft het er druk mee!
Dat werk wordt ook weer beoordeeld en daarna gaan de eigen docent en de tweede corrector met elkaar bellen om de verschillen te bespreken. Soms zijn dat hele korte gesprekken, soms lange verhitte discussies. Als de twee docenten het uiteindelijk eens zijn, komt het werk weer terug op school en voert de administratie de behaalde puntenaantallen in. En dan begint het wachten.... Pas op de dag van de examenuitslag wordt bekend gemaakt door het Cito hoe de score wordt berekend, hoeveel punten er nodig zijn om bijvoorbeeld een 5,5 te halen. Een te makkelijke toets wordt wat strenger berekend, een te moeilijke toets wat soepeler.
Daarna gaan de schoolleiders met een rekenwonder aan de slag om te bepalen welke leerlingen geslaagd zijn, wie er nog een kans maken met een herkansing voor een vak en welke leerlingen helaas definitief gezakt zijn. Dat wordt later op die dag in een vergadering met alle docenten doorgesproken en bij leerlingen die een herkansing nodig hebben wordt gekeken bij welk vak ze de meeste kans hebben om hun cijfer op te hogen. Daarna worden de leerlingen gebeld met de uitslag.
De leerlingen die goed nieuws hebben gekregen hangen de vlag met hun schooltas uit. Voor de voorlopig gezakten is dat wel sneu...
De volgende dag of dagen gaan de docenten met die leerlingen de toets nog eens doornemen en wat theorie herhalen. Want binnen een paar dagen is al de herkansingsperiode. En dan maar hopen dat er een beter cijfer uit gaat komen.

Kortom, een drukke periode voor leerlingen en docenten. En ook voor familie van de examenkandidaten natuurlijk!

Omdat ik klaar was met het voor de eerste keer nakijken en moest wachten op de bespreking van het examen, heb ik gisteren voetpedalen in elkaar gezet. Dat is routinewerk, dus heel ontspannend!

Ik heb nieuwe isolatiebuisjes voor de bedrading in het voetpedaal. Daar kan je ook isolatietape voor gebruiken of een deel plastic van electradraad, maar dit lijkt op de originele isolatiebuisjes. Als dat oude nog wel aanwezig is, kan je het soepel kneden en weer opnieuw gebruiken als je de bedrading van het voetpedaal gaat vervangen.

Hieronder een voorbeeld hoe het dus niet moet! De bedrading ligt zonder extra laagje zo op de weerstand van het voetpedaal.


En de bedrading zit met een boogje om de schroef heen. Niet echt goed vast. Dat kan beter!



Als eerste ontdoe je een deel van de bedrading van de zwarte buitenmantel, want de draden moeten naar verschillende schroeven toe, dus je hebt ruimte nodig. Het deel van de bedrading waar het voetpedaal gaat klemmen, geef je een rubber mantel of een flinke laag isolatietape eromheen. Om de bedrading te beschermen.

Vervolgens schuif je de isolatiebuisjes om de bedrading. De ene is 7 cm, de andere een cm korter.

Dan strip je de gekleurde laag, zodat de koperdraden bloot komen te liggen.

Die koperdraadjes draai je in elkaar, met de klok mee.

Je maakt een oogje om een schroevendraaier heen en buigt het losse uiteinde onder het oogje rond de aanzet van het draad. Als er nu aan de bedrading wordt getrokken, laat het niet los van de schroef.


Schroef de bedrading vast. Je ziet de isolatiebuisjes precies over de weerstand heen lopen.

Omdat de oude rubbers hier niet meer leken op rubbers, maar keihard en gebarsten waren, heb ik ze vervangen door nieuw rubbers. Dat is niet altijd nodig, dus zijn de rubbers nog rubberachtig, dan hoeft het niet. Maar zijn ze bros of plakkerig of al afgebroken, dan moet het wel.

De rubbers schuif je op de hoekpunten van de onderplaat van het voetpedaal. 











Dan leg je de onderkant in de bovenkant. Vergeet je niet het kleine gaspedaaltje eerste op zijn plaats te zetten... Schroef de vier hoekpunten vast. Eerst alle vier een beetje en daarna goed vast, maar niet overdrijven.


Als je nieuwe rubbers besteld, geef dan aan dat je ook de isolatiebuisjes er gratis bij wilt en een stukje rubber voor waar het voetpedaal de bedrading vastklemt. De vier rubbers voor het voetpedaal zijn prijzig, maar dan kan je weer jaren voort.
















(Set van 4 rubbers voor het Singer voetpedaal €15, isolatiebuisjes en rubber stukje op aanvraag gratis erbij. Zwarte platte stekker is €3.
Je hebt geen grote geaarde stekker nodig, want de naaimachines zijn niet geaard. De oude, helemaal ronde stekker is wel origineel en vintage, maar past niet in de meeste stekkerdozen.)


Voor iedereen die dat wil gebruiken, hier nog eens het stroomschema van de naaimachines. Ook voor de bedrading naar de stekker die in de machine gaat kan je rubberstukjes gebruiken. Kijk wel of dat past. Sommige stekkers hebben een te smalle opening. Doe daar een laagje zwarte isolatietape om de bedrading.




maandag 2 januari 2017

Toerentellers. Met een tutorial.

Ik brei en ik brei en het gaat goed! Tenminste, ik vind het goed gaan. Het is leuk en het schiet op!



Met een kat op schoot breien is wel gezellig, maar niet erg practisch. Gelukkig blijft Monty nooit zo lang bij je zitten, dus geniet ik er maar van zo lang het duurt...



Ook voor de mouwen bleek de rondbreinaald erg gemakkelijk. Het is even wennen, maar vier pennen vasthouden is ook niet alles. En al snel kon ik over naar een kortere snaar tussen de pennen en ging het breien nog sneller.

Weer een aflevering van Harry Potter hielp goed om flink tempo te maken met de eerste mouw.
Na elke 8 toeren moest links en rechts van de denkbeeldige naad een steek gemeerderd worden. Om bij te houden hoeveel toeren ik gedaan had, maakte ik een toerenteller.



Het is een constructie met kraaltjes en macrame. Ik laat er zo foto's van zien hoe je zelf zo'n toerenteller kan maken. Deze hangt aan het breiwerk, maar je kan er ook een armbandje van maken.

Door de manier van kraaltjes rijgen, blijven de kralen goed op hun plaats, maar je kan ze wel verschuiven. Dus iedere keer als je weer een toer gedaan hebt, schuif je een kraaltje naar de andere kant. Net als bij een telraam. Je zou met 9 kraaltjes aan het ene sliertje en 9 kraaltjes aan het andere sliertje tot 99 kunnen tellen. Maak je er nog een sliertje met 9 kraaltjes bij dan kan je doorbreien tot 999 toeren. Nou, dan moet die trui inmiddels wel af zijn...



Dit is nu af van de trui: een mouw en het onderste deel van het lijf. De andere mouw nog even en dan komt de kleurrijke pas bij de schouders.




Ik had natuurlijk kunnen doorbreien, maar omdat er vragen kwamen over de toerenteller heb ik er nog eentje gemaakt om foto's te maken. De toerentellers zijn gemakkelijk te maken en ook leuk om te doen met kinderen. Kunnen ze gelijk leren rekenen!




Je hebt sluitingen, kraaltjes en touw/elastiek/band nodig. Ik heb alles bij de Xenos vandaan.


Wriemel 2 lange koordjes in het midden door het oogje van het sluitinkje. Desnoods even meeduwen met de punt van een schaartje.



Knoop de draden vast.

Leg de twee middelsten in het midden.



Nu macrame. Zoek desnoods een filmpje op Youtube. Maar waarschijnlijk heb je het ooit geleerd.



Links over de middelsten, rechts over die links en onder de middelsten door, door de lus aan de linkerkant.

De tweede knoop gaat rechts over de middelsten etc. Anders gaat het geheel draaien. Je merkt het vanzelf...



Zo ga je een tijdje door. Het moet er regelmatig uitzien.



Nu rijg je kraaltjes aan een draad. Je kan er 9 doen, maar ik heb gekozen voor 5 van de ene en 5 van de andere kleur.



De kraaltjes ga je nu vastrijgen met de andere draad. Je steekt bij de bovenste kraal in, van onder naar boven toe.


En je trekt een beetje aan de draden om de kraal mooi recht te krijgen.


Steeds weer bij de volgende kraal van onder af insteken met de tweede draad en aantrekken.


Zo, een hele rij is klaar.


En ook de andere rij is klaar. Je kan nu voor een toerenteller die tussen de steken in aan de breinaald hangt nu gaan afhechten. Met een knoopje of iets originelers.



Als je maar wat ruimte laat om te schuiven met de kraaltjes. Ik ben doorgegaan met macrame.



Tot de armband lang genoeg was, maar niet te lang. Het eindstukje en een versierseltje.



Door het extra sliertje kan ik de armband zelf vast- en losmaken. Dat is wel zo prettig.

De armband moet wel een beetje vast zitten, zolang er maar bloed naar de vingers kan gaan he! Maar ik bedoel, de armband moet niet slobberen.



Zo schuif je de kraaltjes als je vier toeren hebt gedaan.


En met gemak schuif je na de 5e toer een kraaltje verder. Met het systeem van 9 kralen, ga je door tot 9 en daarna schuif je alle kralen weer terug en doe je de eerste kraal van het andere sliertje. Dat zijn dan de tientallen. Gelukkig mag je zelf weten hoe je het wilt doen.



Ik vind deze manier van toerentellen erg handig en lekker simpel. Nog nooit is het zo goed gegaan met alle herhalingen en steken bijbreien!

woensdag 12 november 2014

Cathedral Windows.

Cathedral Windows is een techniek van lapjes vouwen zoals je op de kleuterschool al leerde, puntjes naar het midden, waarna je een gekleurd vierkantje neerlegd en de randjes van het grote lapje gaat omvouwen. Die randjes naai je vast en dan heb je je eerst raampje af.

Ik had het al een keer op de site van Atelier Bep gezien. Een schattig kussentje had Bep ermee gemaakt.

Het bleef een beetje kriebelen om deze Cathedral Windows een keer te proberen.
Na een workshop snap je helemaal hoe het moet, maar er staan genoeg tutorials op internet om te beginnen met deze methode.
Ik was begonnen met ongebleekt katoen als basis. Van de zomer gekocht op de Weversmarkt in Hoorn. Het was een hele stapel lappen die ooit de planken van een marktkraam hadden bedekt. Hier en daar zitten kleine gaatjes waar nietjes hebben gezeten. Ik heb een gaatje gestopt.
Het is mooie stof: simpel, maar degelijk.
De gevouwen vierkantjes stik ik met de naaimachine in model en aan elkaar. De puntjes eerst met een paar steekjes en naald en draad. De gekleurde raampjes deed ik met de hand. 
Maar het gaat zo langzaam! En de vierkantjes zijn zo klein! Net iets meer dan 4 cm...
Zondag een paar uur eraan gewerkt en hoewel het beter ging, was ik nog niet klaar met het werkje...
Het schiet dus niet snel genoeg op naar mijn zin.

Vandaag even een andere techniek toegepast. En alle begin is moeilijk, het is even uitzoeken wat handig gaat.

Ten eerst heb ik de puntjes van de lapjes met het Free Motion Quiltvoetje vastgezet. Je kan dan zonder je werk te draaien van voor naar achter en links en rechts...
Daarna probeerde ik de sponningen vast te naaien met het FM voetje, maar dat was geen succes. Onregelmatige steekjes, geen rechte lijnen.

Nu doe ik het zo:

-doe een druppeltje lijm op ieder hoekpuntje van je gekleurde raampje. 
-plak het raampje vast. Eventjes aandrukken en laten drogen.
-naai steeds de linker sponning.
-zet de naald in de hoek van het raampje, dus tussen alle raampjes in.
*
-vouw de sponning om, vanuit de ene hoek ruim naar binnen tot aan de andere hoekpunt.
-stik langs de rand van de sponning met je gewone naaivoetje en laat het smalle teentje van de voet langs de sponning lopen.
-naai door tot de andere hoek tussen de raampjes. Probeer een mooie vloeiende lijn te maken. Accepteer dat dat niet altijd lukt..
-draai je werk.
-begin weer bij *

De handgenaaide raampjes zijn mooier. Dat is van een afstand niet zo te zien. Er zit meer reliëf in het handwerk, meer 3D effect.
Maar op de machine gaat het zo veel sneller! En nu ik het op deze manier doe, wordt het ook wel netjes. Er komen nog knoopjes op de kruispunten.

Het wordt een kleedje voor op het antieke naaitafeltje. Nog een paar gekleurde lapjes om te oefenen en het is klaar.
Want de achterkant is meteen ook afgewerkt!